Ik voel me een beetje chauffeur van de bezemwagen. Naast me loopt trainer M. zich druk te bekommeren om 'zijn' geblesseerden. Het begint al ergens op het kerkepad met J. van de plantsoenendienst. Hij heeft ergens last van, mij is niet duidelijk wat maar het is wel behoorlijk ernstig. Althans, dat begrijp ik uit de commando's van Trainer M.

Ergens langs de A50 pikken we krasse A. op. 'Last van een oude blessure', zegt hij mij. Trainer M. verordonneert hem meteen ook kalm aan te doen. Kort daarvoor was ik overigens al met M. naar de kopgroep gerend. Gewoon het gas erop, boven de 16 per uur naar de 'snelle' groep die snel naar Ciko terug wilde. Waarom we naar voren sprinten, is me niet helemaal duidelijk? Wat willen we daaar vertellen. Maar het voelt wel lekker, even die snelheid pakken.
Terug bij Ciko - overigens zonder de geblesseerden, die wandelen de pakweg 15 km uit - kom ik een plukje Berlijngangers tegen. Kuitprobleempje, hamstringetje (het woord brengt me op de een of andere manier ook op de schone Berlijn-onderbroek die al klaar schijnt te liggen), PHPD-tjes, kortom dat gejeremieer. Alles bij elkaar opgeteld is het dus een avond vol blessures en pijntjes.Ik prijs me gelukkig nergens last van te hebben. Nu rijdt zo'n bezemwagen ook niet echt heel snel, wel heel erg verstandig.
P. waarom gas erop naar voren? Je geeft het antwoord zelf al: omdat het lekker voelt even snelheid pakken. Soms is de reden heel simpel.
BeantwoordenVerwijderen